Johannes Vermeer geloofde vroeger dat architectuur iets kon uithalen, iets wezenlijks.
Citaat:
Hun eerste project was een kapel op een begraafplaats zonder specifieke godsdienstige grondslag. Vermeer kwam met het idee: een lemniscaat als basisplattegrond, met de dode in de ene cirkel en het levende publiek in het andere. Het schuin oplopende dak had een ronde opening voor het daglicht, gefilterd door een velum. Het grootste geheim van de ruimte was het gebruik van stromend water langs de vier slanke zijramen op de snijpunten van de 8-vorm. Dit gaf in eerste instantie de illusie dat het buiten zachtjes regende, en vooral als de zon scheen schilderde dat prachtige patronen op de witte marmeren vloer. Als je geconcentreerder keek, merkte je dat het water omhoog stroomde. In het gebouw werkte die opwaartse beweging door. Het ontwerp had iets eenvoudigs, iets bescheidens, maar het effect was juist intens: meditatief, troostend en verwonderend.
Ik ben van mening dat in dit stukje het meest beeldend wordt beschreven wat hij bedoelt met de buitenwereld maakt de binnenwereld. Hij maakt het tot een waarheid.
Hoi Yvonne, inderdaad een treffend voorbeeld van wat Vermeer nastreeft in zijn werk. Ben meer voorbeelden tegengekomen. Bijvoorbeeld wat hij zegt over het ontwerp van de glijbaan in het zwembad in Klein Elysium.
BeantwoordenVerwijderenJa, mooi! Ik had het ook vooral met het zwembad in Klein Elysium... Kunnen we als bloggers kortingsbonnen winnen om daar te gaan logeren en zwemmen ? ;)
BeantwoordenVerwijderen